AFDELING I:

A. Volgoefeningen

Het volgen dient aangelijnd getoond te worden over drie afzonderlijke afstanden, twee van 50 meter en één van 2x 50 meter naast de fiets; 

De oefening bestaat uit drie aparte oefeningen t.w.:

- Aangelijnd links volgend naast de geleider 

- Aangelijnd rechts volgend naast de geleider 

- Aangelijnd rechts volgend naast de fiets 

In deze oefeningen dient de combinatie te tonen dat het de oefeningen aangelijnd volgen beheerst en dat de hond sociaal/beheersbaar is tegenover publiek, dat op/nabij het volgparcours staat opgesteld.

B. Hindernissen nemen:

De combinatie dient tijdens de keuring te tonen dat hindernissen, die zich in de praktijk voor kunnen doen, voor de hond geen problemen opleveren.

Het lopen (trap & gladde vloer) dient te geschieden aan een slappe lijn (± 1 mtr) en de hond dient attent te zijn voor de omgeving; 

Het springen geschiedt aan een slappe lijn van max. 5 mtr 

►Trap: De combinatie dient een trap met minimaal 12 treden op- en af te lopen. De combinatie neemt onder aan de trap plaats en loopt hierna één maal de trap op en één maal de trap af. De hond is hierbij aangelijnd.

►Gladde vloer: De combinatie dient over een afstand van minimaal 10 en maximaal 20 meter over een, voor de hond, gladde vloer te lopen. De hond moet tijdens deze oefening aantonen, dat hij zich vrijelijk beweegt op een voor hem gladde ondergrond. In de uitvoering van deze oefening dient de combinatie éénmaal een draai uit te voeren.

►Hindernis:  De hond moet aantonen, met een vrije sprong, een hindernis met een hoogte van 75 cm te kunnen nemen. Aanwijzingen keurmeester: Zowel de heen als de terugsprong dient te geschieden op teken van de Km. Indien de hond weigert, mag hij nog één keer worden opgezet. Vindt dit opnieuw opzetten plaats, dan zal de uitvoering van het commando tot het nemen van de hindernis onmiddellijk na het eerste commando plaats moeten vinden.

C. Blijven liggen:

Doelstelling: De hond dient op commando van zijn geleider zelfstandig op een plaats te blijven liggen. Normaal verkeer moet de hond op ongeveer 2 meter kunnen passeren. De hond moet aantonen sociaal beheersbaar te zijn.

Omschrijving: De hond dient bij deze oefening gedurende 3 minuten op een aangewezen plaats zelfstandig te blijven liggen.

D. Stil zijn:

De geleider en zijn hond moeten in staat zijn om een verdachte zo stil mogelijk te benaderen. De geleider neemt tijdens de surveillance een geluid waar als van een inbraak. De geleider moet na het constateren van dit geluid naar de plaats gaan vanwaar het geluid komt. Geleider dient, bij het aantreffen van de verdachte, zich bekend te maken en de verdachte aan te houden. De geleider sommeert de verdachte het breekwerktuig te laten vallen of neer te leggen. Vervolgens wordt de verdachte op transport gesteld over een afstand van min. 25 meter.

 

 

AFDELING II

A. Zoeken en apporteren/verwijzen van drie voorwerpen

De hond (niet aangelijnd) moet drie in het terrein achtergelaten voorwerpen met menselijke lucht zoeken en vinden. De hond krijgt maximaal 10 minuten de tijd .

De oefening bestaat uit de onderdelen:

1. Wijze van terrein nemen 

2. Wijze van apporteren/verwijzen

3. Aantal gevonden voorwerpen

4. Wijze waarop de geleider de hond doet zoeken

B. Opzoeken en aanwijzen van breekwerktuigen:

De hond moet twee breekwerktuigen met daaraan menselijke geur, zoeken en vinden/aanwijzen. De voorwerpen mogen niet zichtbaar voor de geleider/hond zijn weggelegd. De hond krijgt maximaal 10 minuten de tijd.

De oefening wordt uitgevoerd met een aangelijnde hond. (lijn 10 meter)

De oefening bestaat uit de onderdelen:

1. Wijze van zoeken/speuren 

2. Wijze van aanwijzen

3. Wijze van begeleiden geleider

C. Opzoeken en lokaliseren van een persoon

In een willekeurig gebouw moet de hond de geleider attenderen op de aanwezigheid van een in burger gekleed persoon. Deze persoon is, voor de combinatie, niet zichtbaar aanwezig in het gebouw.

 

AFDELING III Overval op de geleider:

Tijdens de surveillance wordt de geleider overvallen door een verdachte. De hond dient zijn geleider direct en zonder commando te verdedigen. Als de verdachte zich overgeeft dient de hond al dan niet op het eerste commando van de geleider te lossen. Hierna wordt de verdachte over een afstand van ± 25 meter op transport gesteld.

De oefening bestaat uit de volgende onderdelen:

1. Wijze van surveilleren 

2. Wijze van verdedigen 

3. Loslaten 

4. Aanhouding  

5. Nabijten 

6. Bewaken 

7. Transport